Hans Hüsken

De rol van deze Twellose verzetsman is in de regionale geschiedschrijving geheel onderbelicht gebleven.

Na de operatie “ Market Garden” namen de Duitsers een groot aantal Engelse piloten van (vracht)zweefvliegtuigen gevangen en zetten deze per trein, via Apeldoorn, op transport naar Duitsland. Tussen dorp Twello en het Holthuis werd één van deze transporttreinen tot stoppen gedwongen. Van deze onverwacht geboden gelegenheid maakten piloot J. B. Corless en zijn co-piloot gebruik uit de trein te ontsnappen. De twee Engelse vliegers kwamen in contact met Hüsken, een lid van de ondergrondse.

J.B.A. Hüsken werd op 2 september 1913 in Düsseldorf geboren, als zoon van Johannes Albertus Wilhelmus Hüsken en Aleida Dorothea Koot. Zijn vader was als particulier chauffeur werkzaam. Toen Hans ongeveer vijf jaar was, verhuisde de familie naar Nederland en vestigde zich in Colmschate. Hier bezocht Hans de lagere school. Na de dood van zijn moeder hertrouwde zijn vader. De omstandigheden waren er niet naar dat Hans de kans kreeg verder te leren. Hij was werkzaam in Twello bij meubelfabriek La Paloma, een aantal jaren bij de spoorwegen om uiteindelijk door bemiddeling van majoor Diepenbrugge in dienst bij de marine te treden.

Als marinier der 3e klasse vertrok hij in 1936 naar Indonesië om eerst op 3 februari 1940 terug te keren. Op 15 juli van dat jaar volgde eervol ontslag uit de Koninklijke Marine. In afwachting van een nieuwe functie ontving hij een wachtgeld. Om ruimer in de financiële middelen te komen accepteerde hij een tijdelijke functie als medewerker van de centrale keuken aan het Sijzenbaanplein te Deventer. Minder formeel “de gaarkeuken op de Siezenbane”.

Al voor zijn vertrek naar Indonesië had hij op dansles in het Deventer Sint Jozefgebouw de Twellose Diny Willemsen leren kennen die met haar ouders in een boerderij aan de Doornweerdstraat (nu nummer 5) woonde. Het waakvlammetje der prille verliefdheid bleef vier jaar branden om vervolgens aan te wakkeren tot een gloedvolle relatie en op 9 augustus 1941 trouwden Hans en Diny. De jong gehuwden vonden een onderkomen in de boerderij in de Doornweerd. Al spoedig legde Hans contacten in kringen van het verzet te Deventer (eerder al in Vorden en Barchem via een broer van Diny) en zodoende kreeg hij bemoeienis met de gevluchte Engelse piloten.

Rampdag 10 oktober 1944

Op de overlijdensakte (530, Burgerlijke Stand, Deventer) werd vermeld dat Hans op 10 oktober 1944 om 19.00 uur is overleden. De familie in Twello was onbekend met de gang van zaken.

Toen vader en moeder Willemsen zich, met het verstrijken van de avondlijke uren, ongerust toonden wist Diny die onrust wat te sussen. “Hij zal zo wel komen”, merkte ze op maar echt overtuigd van een goede afloop klonk het geenszins. Hans had haar ooit eens gezegd: “als ik ’s avonds om acht uur niet thuis ben, kom ik de volgende ochtend wel”. De gehele avond en nacht verkeerde de familie in de Doornweerd in het ongewisse. ’s Ochtends tegen elf uur kwam de heer Jan Wijnbergen, die een slagerijtje dreef in de Doornweerdstraat, verontrust poolshoogte nemen omdat hij in Twello reeds vernomen had van Engelse ploten in het “hol”. Hans moest ze daar weg halen, waarschuwde hij. Een broer Huisman en Antoon de Haan kwamen ook informeren. Zij deden navraag bij Rensen, die van de gelegenheid
gebruik maakte hen de Engelse boeken mee te geven.

Om twaalf uur stopte in de Doornweerdstraat een jeep waar vier militairen uitstapten. Naar later bleek twee Duitsers en twee SS-ers. Zij verhoorden Diny (die beweerde dat haar man in krijgsgevangenschap zat) en haar vader, doorzochten het huis maar moesten onverrichter zake vertrekken. Wel namen de heren uit de kelder nog aan voedsel mee wat van hun gading was.

Diny, die steeds ongeruster werd, ging naar Schalkhaar om te vragen of Hans daar was. Ze hoorde hier dat er in Deventer, in de buurt van de Swaefkenstraat, een schietpartij was geweest waarbij de ondergrondse betrokken zou zijn geweest. Bij de Swaefkenstraat aangekomen zag ze dat de buurt was afgezet waardoor ze geen contact met de familie Uiterwijk kon leggen.
Een broer van Hans, Anton Hüsken, woonachtig in Deventer, kon in zijn functie van onbezoldigd rijksveldwachter, op het politiebureau informeren en verkreeg zekerheid over de trieste gang van zaken.

Naast de kist in het mortuarium stonden aanvankelijk twee bewakers geposteerd. Pas nadat deze vertrokken waren en Diny door het ziekenhuispersoneel van hun vertrek op de hoogte was gesteld, kon zij naar Hans toe. De kist was verzegeld en er bestond geen mogelijkheid om afscheid te nemen. Op zaterdag had in stilte de begrafenis plaats op de Algemene Begraafplaats in Deventer. Verscholen tussen het groen was broer Anton de enige getuige.

3 Juli 1945

“Hans was op weg naar Deventer om lectuur op te halen voor de Engelse piloten die verstopt zaten in het hol. Bij een aanhouding is hij tijdens een vuurgevecht om het leven gekomen.”

Op 3 juli 1945 formeerde zich aan de Raalterweg te Deventer een stoet die het stoffelijk overschot van Hans begeleidde voor de herbegrafenis met militaire eer op de RK begraafplaats te Duistervoorde.

Bron: Gerard Jansen van der Sligte & Wim Tempelman

Vertaal jouw verhaal!

Heb jij verhalen van je familie of van kennissen over de oorlog of het verzet in deze omgeving? En vind jij ook dat deze verhalen niet vergeten mogen worden?

Neem dan contact met ons op en misschien kunnen wij deze verhalen een mooie plek geven in ons evenement, dit jaar of in de komende jaren! Klik op onderstaande button en vertel het verhaal!